donderdag 31 mei 2007 00:00

Oproep voor een multidisciplinaire aanpak van het drugprobleem

Op dinsdag 15 mei presenteerde het stadsbestuur van Veurne de resultaten van de samenwerking met de Sleutel binnen dit gerechtelijk arrondissement. Naast een uiteenzetting van de cijfers rond gebruik in deze regio werd ook de Projectgroep zelf voorgesteld. Aansluitend ging men in themagroepen dieper in op reïntegratie via tewerkstelling, op het ouderwinkel-concept evenals op de noodzaak van een multidisciplinaire aanpak.

Tijdens deze studiedag rond het Project De Sleutel in Veurne, die plaatsvond in dienstencentrum De Zonnebloem te Veurne, kwamen een 40-tal hulpverleners bijeen met het doel een samenwerking en een multidisciplinaire aanpak te stimuleren.

$$R1

Binnen het gerechtelijke arrondissement Veurne is er reeds een samenwerking sinds 1999. Het project met De Sleutel wordt gesubsidieerd via middelen van de federale overheidsdienst Justitie. De werkingskosten van dit project worden a rato verdeeld over de diverse gemeenten binnen dit gerechtelijk arrondissement.

Doorheen de jaren werd duidelijk dat er veel meer nood is aan drughulpverlening in de streek dan wat momenteel voorhanden is. Vanuit het Dagcentrum De Sleutel in Brugge werd dan ook een werkgroep samengesteld om zich te buigen over de drughulpverlening in Veurne-Diksmuide. Belangrijke pistes die er bekeken worden zijn de sociaal-economische tewerkstelling voor ex-druggebruikers, meer ondersteuning voor de omgeving van de gebruiker en een meer multidisciplinaire aanpak van de problematiek.

$$R2

Tijdens de infonamiddag werd de werking van de voorbije jaren voorgesteld op basis van wetenschappelijke cijfers. Daarna werd in themagroepen bekeken hoe we de diverse noden naar de toekomst best samen met alle betrokken actoren aanpakken.

De cijfers omtrent middelengebruik en -misbruik in de regio Veurne-Diksmuide werden tijdens de studiedag gepresenteerd door Geert Lombaert van de dienst Wetenschappelijk Onderzoek van De Sleutel (zie ook de ppt presentatie hierbij). Uit die cijfers blijkt dat er over de jaren 2002 tot en met 2006 een duidelijke vraag is naar hulpverlening in de regio. Zo blijkt dat het aantal aanmeldingen in het project De Sleutel te Veurne ruim verdubbeld is tussen 2002 en 2005. In 2006 noteerden we een stagnatie.

$$R4

Belangrijk is ook dat een cliënt die in Veurne terechtkomt en hulp zoekt voor zijn druggebruik, evengoed als in een stedelijk gebied, een cliënt is die tal van problemen cumuleert. Geert Lombaert: “We stellen vast dat de cliënt in tegenstelling tot wat vaak verwacht wordt, niet zomaar de 'gemakkelijkere' of 'lichtere' cliënt is. Hij/zij cumuleert, even vaak als onze cliënt in bv. het dagcentrum te Brugge, tal van problemen. Uiteraard is er de duidelijke vraag en behoefte naar behandeling op het vlak van zijn of haar druggebruik. Daarnaast is echter bij drie op vijf cliënten ook bijkomende behandeling nodig voor problemen op psychisch-emotioneel vlak, familiale en relationele problemen, problemen van justitiële aard en problemen op het vlak van opleiding en tewerkstelling.” Met andere woorden, de cliënt in de landelijke regio Veurne-Diksmuide is even 'complex' of even 'zwaar' als in het meer stedelijke Brugge. Een meer multidisciplinaire aanpak is aangewezen om tegemoet te komen aan de complexiteit van het verslavingsprobleem, zoals we dit dus ook in de regio Veurne-Diksmuide aantreffen.

Extra nood aan hulp rond opleiding en werk

We merken verder op dat 29 % van de cliënten in Veurne zegt rond opleiding, arbeid en inkomen zelf een nood te voelen (Last en hulpbehoefte vlg. de IB-cliënt). We zien hierbij geen verschil tussen de situatie in de meer stedelijke omgeving van Brugge en deze in Veurne. Tegelijk blijkt er echter –vanuit het standpunt van de begeleider- in Veurne wel een veel hogere nood te zijn aan bijkomende behandeling voor het leefgebied opleiding, arbeid en inkomen. (67% t.o.v. 39 % in Dagcentrum Brugge). Er is in Veurne dus een reële behoefte aan bijkomende ondersteuning op dit vlak.

$$R5

Verder wees Geert Lombaert erop dat niet alle druggebruikers bij ons terecht komen. “De mate waarin mensen in de hulpverlening terecht komen, levert dus slechts een partieel beeld op van de verslavingsproblematiek en het middelengebruik in de regio. Niet iedereen die problematisch gebruikt of misbruikt, komt immers in de hulpverlening terecht. En niet iedereen die gebruikt, wordt een problematisch gebruiker”, zo verduidelijkt Geert Lombaert.

Om het middelengebruik in een breder kader te duiden, refereerde Geert Lombaert verder naar een onderzoek dat in 2005 door De Sleutel werd gevoerd in o.m. West-Vlaanderen. Het betreft een grensoverschrijdend onderzoek bij 14- tot 18-jarige leerlingen naar het gebruik van legale en illegale middelen. Via een anonieme en schriftelijke vragenlijst werden toen 3.300 leerlingen bevraagd (een toevallige steekproef in het secundair onderwijs in Zeeland, West- en Oost-Vlaanderen).

Ook uit dat onderzoek blijkt dat het geen verschil maakt of een jongere in landelijk gebied, dan wel in een stedelijk gebied woont. “Zijn of haar gebruik van legale en illegale middelen wordt hier niet wezenlijk door bepaald. Dit is meteen een pleidooi om over de gemeente- en zelfs provinciegrenzen heen gezamenlijk preventie-initiatieven te ontwikkelen en te implementeren”, aldus Geert Lombaert.
Wat wel een essentieel verschil maakt, is de mate waarin ouders en vrienden zelf bepaalde middelen gebruiken en/of het gebruik ervan afkeuren. Er speelt als het ware een normerende invloed vanuit de omgeving waarbij de jongere zich conformeert naar het gedrag in zijn omgeving of het veronderstelde gedrag. Dit is dan weer een pleidooi om bvb. ouders meer te betrekken in het preventiewerk en de hulpverlening.

$$R3
De stad Veurne doet reeds belangrijke inspanningen om de hulpverlening uit te bouwen in de regio. Schepen Denise Dolphen, bevoegd voor Welzijn en Gezin, bevestigde op de studiedag ook dat deze regio zich bewust is van het drugprobleem en dat men bereid is om constructief mee te denken aan het verbeteren van het aanbod. Het huidige aanbod is immers nog ontoereikend om de noden van de cliënt goed op te vangen.

Conclusies

Uit de presentatie onthouden we dat wat betreft hulpverlening er in Veurne bij cliënten evengoed sprake is van een multidimensioneel verslavingsprobleem. Een probleem dat dan ook om een multidisciplinaire aanpak vraagt. Belangrijk is verder dat er een bijzondere aandacht gevraagd wordt voor problemen m.b.t. opleiding en arbeid.

Wat preventie betreft, leren de cijfers ons dat er geen verschil is naargelang de plaats waar de cliënt zich aanmeldt. Het beleid opteert dan best ook voor een grensoverschrijdende aanpak. We onthouden tevens de bijzondere aandacht voor ouders en vrienden.

Na de presentatie werd in themagroepen dieper ingegaan op de cijfers. De gepresenteerde conclusies kregen uiteindelijk duidelijk bevestiging vanwege de aanwezige actoren uit het middenveld. Zowel de themagroep die dieper inging op het ouderwinkel-concept, als de groep die samenwerkte rond het thema reïntegratie via tewerkstelling, als deze die werkte rond de noodzaak van een multidiscliplinaire aanpak erkenden volmondig het belang van de geschetste pistes. Tijdens de besprekingen in de themagroepen werden heel wat mogelijk acties geopperd en nieuwe pistes gesuggereerd. Vanuit De Sleutel worden nu alle vragen en opportuniteiten gebundeld en verder door de werkgroep opgenomen. Het was een leerrijke studiedag waar nieuwe bakens konden worden uitgezet. We houden de betrokkenen verder op de hoogte.

Latest from Paul De Neve

back to top